Agnès Schlüter

 Meditatie Yoga Reiki Coaching

Blogs

 Hier plaats ik mijn schrijfsels. Dat kan van alles zijn: overdenkingen, voorvallen en preken​

Nooit wordt het nacht

22 november 2020

 ‘Nooit’ is een sterk woord. Hoe verlangen wij daarnaar; dat het nooit nacht wordt. Het gaat niet om de letterlijke nacht, we zouden niet zonder kunnen, maar de nacht van ons menselijk bestaan waarin wij elkaar en de Schepping van alles aandoen en ontzeggen. Het donker moet wel heel diep zijn om te verlangen dat het nooit nacht wordt…

Is er een manier waarop wij die nacht kunnen keren naar de dag? Waar duister wordt doordrongen door licht?

Hoe gezegend zijn wij wanneer wij onszelf te boven komen! Wij zélf zijn het licht in het duister! Wij hoeven niet te wachten tot er iets veranderen gaat, wij zelf zijn de verandering! Het kan echt hier en nu anders worden: geen angst, geen onzekerheden, geen wantoestanden, maar vrede en zegeningen. Betekent het dat er dan helemaal geen ellende meer is? Het leven is soms een keiharde leerschool, dus, nee, die betekenis heeft het niet. Maar hoe dan wel?

In onszelf zullen wij gedachte voor gedachte en emotie voor emotie onder de loep moeten nemen; oorzaak en gevolg moeten leren herkennen. Wat denk ik en wat roept het op in mij, en hoe reageer ik en wat laat ik aan de ander, aan de wereld zien? ‘Alternatieve denkers’ vertellen het al heel lang. Onze gedachten maken verbindingen in onze hersenen die bepalen hoe wij ons voelen en gedragen. Zijn onze gedachten overwegend negatief, dan is dat hoe wij ons leven ervaren, maar andersom dus ook. Positieve gedachten stellen ons in staat om licht in het duister te brengen. Als wij bewust onze gedachten omkeren, beïnvloeden wij de loop van ons bestaan. Dat is geen verschijnsel van voorbijgaande aard. Wanneer de mens zich positief opstelt en openstelt zullen zegeningen altijd voor hem waarneembaar zijn van mens op mens, van generatie op generatie, van eeuwigheid op eeuwigheid. Wat er ook gebeurt…

Er gebeurt altijd iets, maar hoe is het op jou van invloed? Hoe bepaalt het jouw gedachten? Misschien moeten wij leren niet de gebeurtenissen in ons leven onze gedachten te laten bepalen, maar dat wij die verantwoordelijkheid zelf nemen, het niet overlaten aan de omstandigheden of andere mensen.

Dat klinkt eenvoudig, maar het is knoerthard werken! Want hoe doe je dat als een geliefde door het duister-in-een-ander is weggenomen? Als je een ziekte hebt waar je geen invloed op kunt uitoefenen? Als er oorlog is? Als je kinderen verhongeren, als je door hebzucht van anderen je baan verliest?

Hoe gezegend zijn wij wanneer wij onszelf te boven komen! Wij zélf zijn het licht in het duister! Wil je leren hoe je jouw licht laat schijnen?

Wonder, Huiver en Mystiek

22 november 2020

 Ds Nico ter Linde schetst in het tweede boek van de serie Het verhaal gaat het beeld van de scheiding tussen water en land waarlangs Jezus loopt, op weg naar Galilea.

Het is daar, op die scheiding, dat de mystiek van God de Vader en zijn Zoon zichtbaar is, schrijft hij. Dat vind ik een mooi beeld en het zette mij aan het denken.

Op de grens tussen land en water, in dat overgangsgebied, huist Wonder. Daar woont Huiver ook. Zonder water bestaat het wonder van leven niet, en zonder land bestaat geen mens. En tegelijk voelen wij de huiver om water en land wanneer wij bloot gesteld zijn aan hun krachten. Wonder en Huiver geven bestaansgrond aan Mystiek, want het onzegbare, het ondenkbare willen wij en moeten wij misschien wel, benoemen om ons bestaan te duiden.

Zolang als mensen zich bewust zijn van Wonder, Huiver en Mystiek proberen zij deze drie-eenheid in beeld en woord te manifesteren. Prachtige beeldende kunst is daarvan het gevolg en meesterlijke geschriften, maar ook taaie theologische verhandelingen.

De Amerikaanse feministische theologe Sally McFague probeerde vanuit haar christelijk perspectief ruimte te maken voor een bredere kijk op God, onder andere in haar boek Modellen voor God. De Amerikaanse priester en Episcopaal theoloog Mathew Fox probeerde het beeld van de christelijke erfzonde te keren. Hij gaf ons in zijn boek Origanal Blessing een weg aan waar erfzegen de norm is. Sally McFague en Matthew Fox schreven deze boeken in het midden van de 80er jaren van de vorige eeuw, een tijd waarin veel oude denkbeelden onder de loep werden genomen. Een tijd waarin ruimte werd gegeven aan een bredere kijk op de vele aspecten van God.

In de vrijzinnig protestante opleiding tot pastoraal werker die ik volgde, werd tijdens een van de colleges gesproken over waanbeelden en hoe daar mee om te gaan. Het waanbeeld dat als voorbeeld genomen werd was: ‘Stel, er komt iemand bij je die zegt hulp gekregen te hebben van een engel. Wat doe je?’

Ik zou deze mens van harte geluk wensen met zulke hulp!

Wanneer je weet dat een van Gods boodschappers jou tot hulp is, dan bevind jij je op die grens tussen water en land waar de mystiek tussen God en mens voelbaar is. Dat is volgens mij de essentie van de verhalen over de Aartsvaders en –moeders, over Maria en over Jezus die langs het meer van Galilea liep.

Ik zoek bewust de scheiding tussen land en water op. Ik wil in die branding staan. Ik hoef daarvoor niet daadwerkelijk naar de zee of een meer, hoewel ik dat graag doe, maar ik vind die plaats in mijzelf. Daar vind ik God. Daar weet ik mij de mens zoals ik bedoeld ben te zijn. De woorden die ik gebruik om God te beschrijven zijn nooit toereikend. Zij kunnen hooguit mijn ervaring beschrijven, mijn beeld van God weergeven.

God laat zich in de Bijbelse verhalen kennen als ‘Ik zal er zijn, zoals Ik er zal zijn’. Daarmee wordt ons duidelijk gemaakt dat God alleen in vrijheid, in een persoonlijk beleven, ervaren kan worden. Die vrijheid is ons allemaal gegeven.

Laten wij die vrijheid wijs gebruiken.

Our hearts matter

zomer 2020

 In deze tijd verandert er veel wat mensen van alle rangen en standen in alle hoeken van de wereld raakt. Sociale afstand, 1.5 meter samenleving, angst voor besmetting met het covid-19 virus. Maar ook, ondanks die angst samen op elkaar gepakt demonstreren tegen het misschien wel grootste sociale onrecht dat bestaat; een medemens misbruiken, haten of zelfs doden vanwege haar of zijn huidskleur. Het harde roepen van Black Lives Matter, Asian Lives Matter en All Lives Matter schudt de oude structuren waarop veel mensen nog leunen los. Dat is goed, niet voor iedereen even makkelijk, maar wel goed.

Wanneer je alleen vanuit je hoofd leeft, je ego tot bewindvoerder hebt gemaakt en je hart uitsluit of vergeten bent, dan ben je blind voor het mooiste dat een leven op aarde je schenkt: onvoorwaardelijke liefde. Die liefde die ons laat zien dat we allemaal één grote familie zijn, dat wij genetisch verwant zijn, dat wij elkaar het leven kunnen redden door bloed te geven of organen en moedermelk te doneren.

Een hart is een hart, ongeacht in welk lichaam het klopt. Bloed is bloed, ongeacht door welk lichaam het stroomt. Tranen zijn tranen, ongeacht wie er huilt.

Mijn zes jarige kleinzoon Maxim had gisteren een groot inzicht waar hij struikelend over zijn woorden over vertelde. ‘Nonna, als mensen lachen begrijpen ze elkaar zonder dat ze het moeten uitleggen, zélfs als zij de woorden die ze zeggen niet verstaan!’

Zo is het m’n jonkie, Our Hearts Matter!

Wij zijn zelf de verandering waarop we wachten

Bij de Bijbelteksten van Jesaja 30: 15-21, Lukas 13: 22-30, 
Psalm 112 (in de bewerking van Hans Bouma), Nederlands Lied Boek 992: Wat vraagt de Heer nog meer van ons

Wat vraagt de Heer nog meer van ons?

Zijn wij ons echt bewust van wat God – Here of Vrouwe – van ons vraagt?

Zijn wij ons bewust van de splinters, balken en blinde vlekken die ons het zicht kunnen belemmeren? Kunnen wij het geduld opbrengen te zien wat het leven vraagt en hebben wij dan vertrouwen dat wij het allemaal aankunnen?

Kunnen wij geloven dat God er ons hele leven - van seconde tot seconde - onafgebroken zal zijn?

De Bijbelteksten vertellen ons over een leven met God en over geduld en vertrouwen. Geduld en vertrouwen dat twee kanten op gaat. Hoeveel geduld en vertrouwen moet God in ons hebben, nog steeds na al die eonen, voordat de mens helemaal begrijpt wat er van hem gevraagd wordt?

God gaat volgens de woorden van Jesaja tekeer tegen het volk dat niet luisteren wil. Zij willen hun eigen weg gaan, naar Egypte. God beschrijft ze als koppige, onhandelbare kinderen die hun heil willen zoeken in een land en bij een ander volk dat ze niets te bieden heeft, niets anders dan ellende en ontbering. En ondanks dat alles wacht Hij toch op het moment

dat Hij zijn volk genadig kan zijn.

Wíj zijn dan wel niet op weg naar Egypte, maar een groot deel van de mensheid is toch wel een totaal andere weg ingeslagen dan God voor ogen moet hebben gehad toen Hij met medeweten van Vrouwe Sophia, ons naar beeld en gelijkenis schiep.

Dat vind ik zo mooi van de Bijbelse verhalen. Je leert dat, hoe erg wij – en ik gebruik hier het woord ‘wij’ omdat de mensheid nogal de neiging heeft om fout gedrag te herhalen – hoe erg wij het ook verprutsen met z’n allen, hoe idioot we ook bezig zijn, hoe materialistisch, wreed, zelfzuchtig en afgekeerd van God we ook leven, God dáár is waar wij zijn, en Hij kijkt door ons mee naar wat wij op onze beurt creëren.

Als je de immense grootsheid van de naam die God zichzelf geeft tot je laat doordringen val je vanzelf terug tot passende proporties; in de uitleg van de verhalen heet dat nederigheid.

Ik-zal-er-zijn… dat is een onvoorwaardelijkheid die alleen met onvoorwaardelijkheid beantwoord kan worden. Als God tegen mij zegt ‘Ik zal er zijn’ durf ik het aan om er óók te zijn. En die wederkerigheid is in mijn opinie de sleutel die wij nodig hebben om tot in onze vezels te kunnen voelen wat God van ons vraagt, wat de bedoeling van ons bestaan is.

Ik zocht in de teksten naar ‘sleutel en slot’ en in Psalm 112 vond ik. Deze Psalm kan gelezen worden als een slot waar die sleutel van wederkerigheid in past. De theoloog en dichter Hans Bouma heeft de psalm in zijn eigen, eenvoudige, woorden zo weergegeven:

Nooit wordt het nacht

is de gerechtigheid je lief,

leef je mededeelzaam,

heb je hart voor de armen,

ben je brood,

ben je naaste voor hen,

hoe gezegend ben je dan.

Geen verschijnsel

van voorbijgaande aard.

Voorgoed besta je.

Ga je niet op in jezelf,

ben je mens zoals het moet,

dak boven je hoofd,

licht in het donker,

nooit wordt het nacht.

Wat er ook gebeurt,

geborgen ben je bij je God

Nooit wordt het nacht

Wat een belofte! ‘Nooit’ is een sterk woord. Hoe verlangen wij daarnaar; dat het nooit nacht wordt. Het gaat hier niet om de letterlijke nacht, we zouden niet zonder kunnen, maar de nacht van ons menselijk bestaan waarin wij elkaar en Gods Schepping van alles aandoen en ontzeggen. Het donker moet wel heel diep zijn om te verlangen dat het nooit nacht wordt.

Is er een manier waarop wij die nacht kunnen keren naar de dag? Waar duister wordt doordrongen door licht? Daar geeft de psalm meteen antwoord op:

Is de gerechtigheid je lief, leef je mededeelzaam, heb je hart voor de armen, ben je brood, ben je naaste voor hen, hoe gezegend ben je dan.

Hoe gezegend zijn wij wanneer wij onszelf te boven komen! Wij zélf zijn het licht in de duisternis! Is dat niet een enorme opluchting? Wij hoeven niet te wachten tot er iets veranderen gaat, wij zelf zijn de verandering! 
Het kan dus echt hier en nu anders worden: geen angst, geen onzekerheden, geen wantoestanden, maar vrede en zegeningen.

Betekent het dat er dan helemaal geen ellende meer is? Het leven is soms een keiharde leerschool, dus nee, die betekenis heeft het niet. Maar hoe dan wel?

In onszelf zullen wij gedachte voor gedachte en emotie voor emotie onder de loep moeten nemen; oorzaak en gevolg moeten leren herkennen. Wat denk ik en wat roept het op in mij, en hoe reageer ik dan; wat laat ik aan de ander, wat laat ik aan de wereld, zien?

Hedendaags wetenschappelijk onderzoek toont aan wat al lang bekend is bij wat wij tegenwoordig ‘alternatieve denkers’ noemen. Onze gedachten maken verbindingen in onze hersenen die bepalen hoe wij ons voelen en gedragen. Zijn onze gedachten overwegend negatief, dan is dat hoe wij ons leven ervaren, maar andersom dus ook. Positieve gedachten stellen ons in staat om licht in het duister te brengen. Als wij bewust onze gedachten omkeren, beïnvloeden wij de loop van ons bestaan. Er is aangetoond dat er letterlijk nieuwe verbindingen worden aangelegd in onze hersenen wanneer wij anders gaan denken, en die nieuwe verbindingen maken het mogelijk ons anders te gaan gedragen.


Geen verschijnsel van voorbijgaande aard. Voorgoed besta je.

Zo is het, het is geen verschijnsel van voorbijgaande aard. Wanneer de mens zich positief opstelt en openstelt zullen Gods zegeningen altijd voor hem waarneembaar zijn van eeuwigheid tot eeuwigheid; van generatie op generatie, van mens op mens.

Ben je mens zoals het moet, zegt Bouma. (in de Bijbel staat: 7Voor een vals gerucht zal hij niet vrezen, hij is standvastig en vertrouwt op de HEER. 8Standvastig is zijn hart en zonder vrees.), ben je mens zoals het moet, dan wordt het nooit

nacht omdat wij zelf het Licht zijn. Wij zijn immers geschapen naar beeld en gelijkenis van God en Vrouwe Wijsheid.


Wat er ook gebeurt, geborgen ben je bij je God.

Wat er ook gebeurt…er gebeurt altijd iets, maar hoe is het op jou van invloed? Hoe bepaalt het jouw gedachten? Misschien moeten wij leren niet de gebeurtenissen in ons leven onze gedachten te laten bepalen, maar dat wij die verantwoordelijkheid zelf nemen, het niet overlaten aan de omstandigheden of andere mensen. Dat klinkt eenvoudig, maar het is knoerthard werken! Want hoe doe je dat als een geliefde (soms door het duister in een ander) is weggenomen? Als je een ziekte hebt waar je geen invloed op kunt uitoefenen? Als er oorlog is? Als je kinderen verhongeren, als je door hebzucht van anderen of door een virus je baan verliest?

Je kunt in plaats van naar ‘Egypte’ te willen reizen ook naar ‘Jeruzalem’ op weg gaan.

Iemand liet mij eens het lied over de heilige stad Jeruzalem uit de bundel van Johannes de Heer horen. Tranen biggelden over zijn wangen omdat hij zo geraakt werd, keer op keer, door die hemelse voorstelling van de heilige stad waar de straten van het zuiverste goud waren als je door de paar’len poort naar binnen keek. Wat hem zo raakte was de voortdurende strijd in de duisternis hier op dit ondermaanse en het met heerlijkheid gevulde vooruitzicht dat hij daar, in het nieuw Jeruzalem, bij God en het Lam mocht aankomen. Dat beeld hield hem op de been, het gaf hem de moed tot zijn aardse einde echt aanwezig te zijn.


Jezus geeft ons een beeld als hij antwoord geeft op de vraag van iemand of er weinigen zullen zijn die gered worden. Hij geeft het beeld van te gaan door de smalle deur.

Er is niets zo gemakkelijk dan ‘met de blik op oneindig en verstand op nul’ de dagen te slijten. Het kan een begin zijn om ergens achteraan te lopen en verwachten dat je daardoor het Licht in jezelf zult vinden, maar het nalopen op zich helpt niet. Die smalle deur doet het ‘m. Je kunt daar als eerste aankomen, maar als je de sleutel niet hebt gaat de deur niet voor je open.

In een van de laatste boeken van de Engelse schrijfster en theologe Karen Armstrong (ik denk dat het de titel ‘de verloren kunst van de heilige geschriften’ draagt) las ik de volgende zin: ‘… (maar) volgens neurologen hebben wij geen direct contact met de wereld die we bewonen. We hebben alleen maar gezichtspunten, ons aangeboden door de ingewikkelde circuits van ons zenuwstelsel, zodat wij allen – zowel wetenschappers als mystici – slechts voorstellingen van de werkelijkheid kennen, niet de werkelijkheid zelf.’

De sleutel die ons in Psalm 112 werd gegeven past op de smalle deur.

Waar de neurologen weten dat wij slechts voorstellingen van de werkelijkheid kennen, wijst Jezus ons de weg naar de werkelijkheid zelf.

Een werkelijkheid waar iedereen welkom is, want God – onder welke naam wij haar of hem ook kennen - kiest niet, dat doen wij zelf.

Amen!

Blog




Geen posts.

Rss_feed